TEFFI. Herinneringen. Van Moskou naar de Zwarte Zee

TEFFI. Herinneringen. Van Moskou naar de Zwarte Zee – 1919. Amsterdam, Pegasus, 2017, 231 p. Vert. en nawoord Lena Hemmink.

In volle perestrojka werd de Russische emigrante Nadezjda Teffi ontdekt door de nogal vergeetachtige Russen en ook in het Westen uitgegeven. In 1988 verscheen het bundeltje Parijse verhalen (bij De Lantaarn) en in 1989 de grotere bundel Alles over de liefde (bij de Wereldbibliotheek), een fantastische serie verhalen over Russische tsjoedaki, zonderlingen in de meest gekke situaties waarin alles kan, behalve liefde. Teffi laat ons een wereld zien van mislukte, doorgetrapte, geëxalteerde of op hol geslagen Russen. Het zijn korte verhaaltjes, soms miniatuurtjes waarin deze chroniqueur  van de Russische diaspora het alledaagse leven van Russen in ballingschap uitbeeldt, vaak behoorlijk platvloers met kleine tragedietjes en soms ook wel vreugdes.

Diezelfde toon vinden we in haar herinneringen over haar vertrek uit Rusland en de reis (vlucht) die ze onderneemt van Moskou naar Odessa, om dan definitief Rusland te verlaten. Hoe wreed en barbaars de burgeroorlog ook was, toch waren de meeste landverlaters ervan overtuigd dat de bolsjevieken het niet lang zouden volhouden. De meeste emigranten vonden het niet eens de moeite  om hun koffers uit te pakken (117), want morgen of overmorgen zou het bolsjevistische regime toch vallen. Van de nieuwe machthebbers heeft Teffi natuurlijk geen hoge pet op: ‘Die kameraden van je in hun leren jasjes met hun revolvers zijn ordinaire roofmoordenaars, crimineel gespuis’ (42), ‘rode soldaten en duister schorem’ (43), die aan hun ‘laatste stuiptrekkingen’ (94) bezig waren. Iemand geeft haar de raad: ‘Het is nu moeilijk om naar Petersburg terug te keren, ga voorlopig maar naar het buitenland. Tegen de lente keert u dan naar het moederland terug’ (217). Teffi is vertrokken, maar heeft haar vaderland nooit meer weergezien. Ze is gestorven in Parijs in 1952, op tachtigjarige leeftijd, als gevierde (maar inmiddels ook al een beetje vergeten) schrijfster van het Russische exil.

De herinneringen van Teffi zijn niet de explosieve memoires van Ivan Boenin of Zinaida Gippius, maar brengen alledaagse dingen over een land op drift, heel actueel nu de exodus van honderdduizenden Syriërs aan de gang is. Veel vluchtelingen zijn zich nauwelijks bewust van wat hen te wachten staat en leven er vrolijk, onbezorgd op los, gooien hun laatste geld over de balk, zijn overmoedig en gaan bewust of onbewust de ondergang tegemoet. Een ‘principiële edelman’ (148) weigert het dek te schrobben van het schip dat hem wegbrengt uit de moordende chaos van zijn land in burgeroorlog, de voorname schrijfster Teffi moet voor het eerst in haar leven de mouwen uit de handen steken, een man is kwaad omdat de kelner de aardappelen apart van de biefstuk serveert, een knotsgekke Russische Jood biedt Teffi contracten aan om in Odessa literaire avonden te komen geven. Een witte officier loopt met opgeheven borst vol epauletten door een dorp dat net door de bolsjevieken bezet is. De wereld op zijn kop holt de ondergang tegemoet.

Mooi is het verhaal van mevrouw Foek die haar enige bezitting – een diamant – verstopt had in een ei. ‘Ze had een klein gaatje gemaakt in de dop van het rauwe ei, de diamant erin gestopt en toen het ei hardgekookt. Ze had het ei in een mandje met etenswaren gelegd en zat daar rustig te glimlachen. De Rode soldaten kwamen de wagon binnen. Doorzoeken de bagage. Opeens grijpt een soldaat juist dat ei, pelt het en ter plekke, onder de ogen van mevrouw Foek, schrokt hij het op’ (22).

Dit is een van de pareltjes van dit boek met herinneringen van een milde, humoristische schrijfster. Een welgekomen ontdekking!

                                                                                                                                              Emmanuel Waegemans