Recensies

Jevgeni Schwarz. De draak. Sprookje in drie bedrijven

Jevgeni Schwarz. De draak. Sprookje in drie bedrijven. Leiden, Plantage, 2016, 95 p. Vert. Hompsy van Wijk (Plantage Russisch Theater 11)

Het toneelwerk van de Sovjetrussische schrijver Jevgeni Sjvarts is bij ons zo goed als onbekend, in elk geval weinig opgevoerd. Sjvarts is vooral bekend om twee toneelstukken: De koning naakt (1934) en De draak (1944). In Nederland heeft het anti-totalitaire stuk De draak in 1965-66 op het repertoire gestaan, maar is daarna nooit meer opgevoerd. Ten onrechte, want het is een uitstekend en grappig stuk over het wezen van de dictatuur: mensen leven blijkbaar graag in een dictatoriaal regime, ze beseffen niet meer dat ze onderdrukt worden en voelen zich ongemakkelijk als ze ervan bevrijd worden.

De draak combineert het verhaal van Joris de drakendoder (ook in de Russische cultuur bekend – Georgi Pobedonosets is de patroonheilige van de stad Moskou), Lancelot en Don Quichot. Een stad wordt al sinds mensenheugenis geterroriseerd door een draak (‘Daar zijn we aan gewend. Die hebben we hier al vierhonderd jaar’) (11), die elk jaar een van de meisjes van de stad als bloedoffer vraagt. Dit jaar is de beurt aan Elza, de dochter van de stadsarchivaris. Iedereen heeft zich neergelegd bij het onoverkomelijke – tegen het geweld van de draak kan niemand op. Maar dan verschijnt Lancelot die het monster uitdaagt: dankzij allerlei trucjes (verdwijnhoed e.d.) slaagt hij erin de draak te doden. Als hij een jaar later weer in de stad verschijnt, blijkt dat de burgemeester het verdwijnen van de drakendoder heeft gebruikt om zichzelf voor de grote held uit te geven en in die hoedanigheid eist hij nu de mooie Elza op. Eind goed al goed, zoals het in een sprookje hoort, Lancelot krijgt Elza, maar er staat hem nog een grote taak te wachten: ‘In ieder van hen moet de draak worden gedood’ (87).

Hester den Boer. Onderdrukt door de verlosser. Een zoektocht naar Stalins erfenis in het Rusland van nu.

Hester den Boer. Onderdrukt door de verlosser. Een zoektocht naar Stalins erfenis in het Rusland van nu. Amsterdam-Antwerpen, Atlas Contact, 2018, 271 p. ISBN 978 90 450 3345 7

Hester den Boer is een jonge journaliste die aan de UvA religie, Russische taal en cultuur en holocauststudies volgde. Ze trok voor enkele maanden naar Rusland waar ze niet alleen in de twee hoofdsteden – Moskou en Petersburg – met mensen ging praten, maar ook in afgelegen gebieden die een slechte reuk hebben in de Russische geschiedenis, zo bv. Vorkoeta en Kolyma, gebieden waar in de Stalintijd honderdduizenden gevangenen naartoe werden gestuurd.

De centrale vraag die Den Boer zichzelf en de geïnterviewden stelde, is of Stalin de dag van vandaag nog bestaat, nog aanwezig is in de hoofden (en harten) van mensen, of hij (nog) populair is en hoe het te verklaren is dat veel mensen in Rusland (nog steeds) geloven in de grote leider. Voor velen is hij de man die Rusland groot gemaakt heeft (net of Rusland voor 1917 niet groot was!) en de oorlog tegen de nazi’s heeft gewonnen. Dit laatste wordt door Poetin tot in den treure herhaald, in feite blijkt de verheerlijking van deze overwinning het enige cement dat de verbrokkelde Russische samenleving nog samenhoudt. Veel mensen zijn ontevreden over de huidige economische situatie, de hoge prijzen en lage pensioenen, de schrijnende rijkdom van enkele tientallen oligarchen tegenover de grote armoede van een groot deel van de bevolking, de rechteloosheid, de graaicultuur en noem maar op. Om al die kritiek te ontzenuwen rakelt Poetin de economische verwezenlijkingen van Stalin in de vijfjarenplannen (industrialisering) en de overwinning op Duitsland op om de mensen toch nog een positief beeld van hun land, hun verleden te geven. Het schijnt te werken. Ook al kent Rusland al 25 jaar vrijheid van pers en woord, trapt een groot deel van de bevolking in deze magistraal georkestreerde propaganda.

Michail Saltykov-Sjtsjedrin. De geschiedenis van een stad.

Michail Saltykov-Sjtsjedrin. De geschiedenis van een stad. Amsterdam, Pegasus, 2018, 285 p. Vert. Willem Weststeijn.

In tegenstelling tot de klassiekers Poesjkin, Gogol, Toergenjev, Dostojevski, Tolstoj en Tsjechov, geniet Saltykov-Sjtsjedrin weinig aanzien in het Westen. Daar zijn goede redenen voor: hij wordt weinig vertaald (in het Nederlands bestond alleen De familie Golovjov), velen vinden hem te cryptisch, sommigen te Russisch, en weer anderen te somber. Dat neemt niet weg dat hij wellicht de grootste, in elk geval meest systematische satiricus van de 19e eeuw is. Hij groeide op onder het weinig bemoedigende bewind van Nicolaas I, die zo dom was hem te verbannen naar de provincie, die de stof leverde voor zijn satirische en sarcastische observaties. Na de dood van de autocraat bloeide de zgn. ontlarvende literatuur op in Rusland, in het tijdperk van de hervormingen van Alexander II was veel meer mogelijk, Saltykov wijdde zich helemaal aan de literatuur, vooral in het progressieve tijdschrift Vaderlandse Annalen. In 1884, na de moord op de tsaar-bevrijder, sloeg de paniek om zich heen en werd zijn tijdschrift verboden.

Paoestovski herondekt

De reputatie van de Sovjetschrijver Konstantin Paoestovski (1892-1968) berust op zijn zesdelige ‘verhaal over mijn leven’, waarin hij vertelt over zijn leven voor, tijdens en na de Revolutie. Vele lezers werden ingenomen door zijn frisse kijk op mensen en dingen, in wie hij de positieve kanten ziet. Maar velen vonden ook dat zijn ‘autobiografie’ opvalt ‘door de vele pijnlijke aspecten die hij over zijn tijdgenoten verzweeg’, dat was althans wat ik zelf ervan vond toen ik in de jaren tachtig begon aan dit omvangrijke levensverhaal (Geschiedenis van de literatuur in Rusland 1700-2000. Antwerpen 2016, p.399). Hij schreef dat hij de goede eigenschappen van de mensen laat zien en de slechte liever vergeet en dat het niet aan hem is om te oordelen.

Enkele weken geleden stuurde de nieuwe uitgever van Paoestovski’s werk – Van Oorschot – het bericht de wereld in dat er drie hoofdstukken ontdekt zijn in het archief van de schrijver die nooit door de censuur geraakt zijn en dat in een ander hoofdstuk geknipt is door de autoriteiten. Deze opzienbarende ontdekking is nu ook te vinden in de nieuwe vertaling door Wim Hartog, die voor Van Oorschot het hele zesdelige levensverhaal van de schrijver opnieuw heeft vertaald (Konstantin Paustovski. Verhaal van een leven 1-2-3. Amsterdam 2017-2018). Daarmee heeft hij een wereldprimeur en is hij wellicht ook de Russische markt voor, want de gecensureerde hoofdstukken verschenen alleen in het gespecialiseerde tijdschrift Mir Paoestovskogo (De wereld van Paoestovski) in 2016; het gecensureerde hoofdstuk In de droesem van vreugdeloze gebeurtenissen (over zijn werk bij het persagentschap Rosta in de jaren ’20) verschijnt in Rusland pas in 2019. De drie voorheen onbekende, in de archieven opgeborgen hoofdstukken, die zonder genade sneuvelden onder de censuur van de jaren zestig, horen thuis in het Boek der omzwervingen. De gecensureerde passages worden door Hartog tussen < > geplaatst, maar die haakjes zijn zo klein dat ze nauwelijks opvallen. Hij had beter kunnen kiezen voor cursief, zoals Marko Fondse deed in zijn vertaling van De meester en Margarita, waarin hij alle aan de schaar van de censor ten offer gevallen passages en zelfs hele hoofdstukken cursief plaatste. Erg overzichtelijk en aanschouwelijk.

Pagina's